Fietsverhalen: Pim & Nienke “Een dag op de fiets in Zuid Amerika”

  1. Home
  2. Blog
  3. Fietsverhalen: Pim & Nienke “Een dag op de fiets in Zuid Amerika”

FIETSVERHALEN

Jullie beleven veel inspirerende avonturen met jullie fietsen. We vinden het leuk om ze te horen en te delen. In deze “Fietsverhalen” nemen Pim en Nienke ons mee op een bijzondere en tegelijkertijd normale dag van hun reis door Zuid Amerika. Benieuwd naar wat een fietsreiziger zoal doet, ziet, eet, ruikt, hoort en voelt? Laat je meevoeren langs de zandpaden, rode bergwanden, kolkende rivieren en kleine dorpjes die Pim en Nienke beschrijven!

Op deze dag, 5 augustus 2019, zijn we exact een half jaar onderweg. Het doel van onze reis is het Andes gebergte volgen van noord naar zuid. We zijn begonnen in Cartagena, Colombia, en zijn onderweg naar Argentinië. Momenteel zijn we in Peru en genieten met volle teugen van alles wat het Andes gebergte te bieden heeft. 

De dagen, weken en maanden zijn gevuld met onnoemelijk veel ervaringen. Van het ontmoeten van mensen, het ervaren van de natuur in al haar facetten, de uren in het zadel, het kamperen op de mooiste plekken, de rustdagen in kleine Zuid Amerikaanse pittoreske bergdorpjes tot aan de letterlijke en figuurlijke hoge pieken en diepe dalen. Het is een levensverrijkende ervaring.

Graag delen wij een ‘normale’ dag op de fiets in Zuid Amerika.

We worden wakker van de wekker om 6:15 na een zeer koude nacht in het dorpje Rajan in de Peruaanse Andes. Ons tentje staat op een voetbalveldje aan de rand van het dorp. De dienstdoende politieagent had ons de middag ervoor toestemming gegeven hier ons kamp op te slaan. 

De nachten kunnen erg koud zijn. Het dorpje bevindt zich op een hoogte van 3600 meter waardoor nachten van min vijf geen uitzondering zijn. Deze ochtend beseffen we dat we de waterflessen in de fietsen hebben laten zitten. Niet handig, want ze zijn één blok ijs. Gelukkig kunnen we water krijgen bij onze vriendelijk buurvrouw. Het water hier wordt direct uit de bergen gehaald en is ongefilterd drinkbaar. 

Het ritueel ’s ochtends bestaat uit opstaan met zonsopkomst. In de kou dus. Eerst zetten we koffie en thee om een beetje op te warmen. Het ontbijt bestaat uit havermout met rozijnen en een appeltje. De kaneel, gemberpoeder, kurkuma en suiker houden het een beetje spannend. Al wordt het na, snel gerekend, 100x havermout wel wat eentonig. Voedzaam is het wel en we kunnen er toch al gauw drie uur op fietsen. 

Na het ontbijt ruimen we de spullen op, breken we de tent af en tuigen we de fietsen op. Al met al kost het ons twee uur van opstaan tot vertrek, wanneer alles vlot verloopt. Deze ochtend is de tent drijfnat en zwaar van de condens en het ijs op de tent. We wachten een half uurtje om op te warmen en de tent te laten drogen. Om negen uur vertrekken we, maar niet voordat de politieagent, de winkeleigenaar en de vriendelijke buurvrouw nog even een praatje willen maken. 

Deze dag zal bestaan uit een afdaling van 40 kilometer (2400 meter dalen) naar een vallei van waaruit we nog 400 meter zullen stijgen tot de volgende kampeerplek. De weg is wederom volledig onverhard. 

De afgelopen weken was de achterrem van Pim lek. Het afdalen was geen pretje. Gelukkig hebben we de remmen kunnen maken met hulp van Horizon. Ruud heeft een pakketje met nieuwe remmen gestuurd naar Peru en met de hulp van Wouter via Skype hebben we de nieuwe remmen kunnen monteren. Het vertrouwen in het dalen is terug, dus 40 kilometer dalen is weer een plezier.

Deze afdaling is over een redelijk goede gravelweg dus de kilometers vliegen voorbij. Althans, gemiddeld twaalf kilometer per uur is rap tempo voor ons in deze omstandigheden. De weg kronkelt met vele haarspeldbochten langs steile afgronden in 12 kilometer 1000 hoogtemeters lager. De uitzichten zijn schitterend en de strak blauwe lucht maakt het nog mooier.

We naderen het eerste dorpje, Llipa. Dit blijkt een verlaten dorp te zijn. Blijkbaar is iedereen verhuisd naar Nuevo Llipa, 6 kilometer lager. Geen idee waarom, maar dit dorp is verrassend modern. Misschien omdat het nuevo, nieuw, is. We drinken een kopje koffie en slaan wat eten en drinken in voor de dag. Het is de laatste mogelijkheid om iets te kopen tot aan de volgende dag. Geen dorpjes of winkeltjes zullen we nog tegenkomen.

Met goede moed vanwege de vlotte progressie, genoeg proviand en de mooie omgeving hervatten we onze weg. Al gauw opent het landschap nog meer dan voorheen en de uitzichten worden adembenemend. We stoppen ettelijke malen om foto’s te maken. Het tempo is eruit, maar dat scheelt niks. Dit zijn de momenten waarvoor we doen wat we doen. We proberen bewust te zijn dat het niet gewoon is dat we hier zijn. In de middle of nowhere in Peru, in de Andes, op de fiets, met elkaar en al dat natuurschoon om ons heen. We prijzen onszelf zeer gelukkig.

Als we denken dat het niet beter of mooier kan, worden we voor de zoveelste keer verrast. Vanuit het niets duiken er tien condors op. Enkele ervan vliegen op nog geen vijftig meter aan ons voorbij. Een droom! Het is met geen woord te omschrijven wat voor indruk deze giganten van drie meter spanwijdte maken. Ze zweven voorbij op zoek naar thermiek en je hoort de wind door de veren gaan. Kippenvel!

Na een half uur gadeslaan van de condors, het eten van enkele bananen, koekjes en pinda’s dalen we verder af richting de vallei. Hoe lager we komen, hoe warmer het wordt. Waar het vannacht nog -5 was, stijgt het kwik richting de 35 graden. We beginnen toch wat vermoeid te raken na drie uur dalen. 

Je zou denken dat het geen energie kost, maar met afgronden van soms wel honderden meters, een weg van soms maar twee meter breed bezaaid met stenen en zand, maakt dat er opperste concentratie nodig is. Gelukkig zien we deze hele afdaling van bijna 4 uur maar 1 auto, want de Peruaanse chauffeurs zijn niet de meest fietsvriendelijke. En dit is mild uitgedrukt.

We bereiken de rivier in de vallei en dalen nog een uur langs deze zelfde rivier. Deze weg is een stuk minder goed. Grote losliggende stenen, stukken weg met diep los zand, continue kort op en af zorgen ervoor dat de tank leeg raakt. We hebben niet op tijd gegeten en Nienke krijgt een hongerklop. Daarbovenop is het water zo goed als op. Helaas zijn er geen winkeltjes of huizen om water te kopen of te vragen. 

Bij de kruising van de weg van waar we nog 400 meter moeten stijgen, houden we pauze. Gezien de hongerklop maken we een pan noodles. Normaal nemen we ’s middags geen tijd voor het maken van een maaltijd, maar nu is het een kleine noodsituatie. De hitte en hongerklop maken een kleine siësta noodzakelijk. 

Een uurtje later beginnen we aan de klim. Tien kilometer met 400 hoogtemeters is normaal gezien een peulenschil of op z’n minst een relatief makkie. Vandaag is dit echter anders. Voor Nienke is het een lijdensweg. Ze is op. Helaas staat in deze vallei, die uiteraard ook weer schitterend is, de wind niet in ons voordeel.

De vallei is er een met rode en grijze bergwanden van enkele honderden meters hoog. Een razende en kolkende bruine rivier op de bodem van de vallei maakt het plaatje compleet. Dit bruine water maakt het lastig water te filteren, dus we wachten er mee tot de kampeerplek. Het water verdelen we en we gaan door. We zullen wel moeten, want kamperen is hier niet mogelijk.

Dit is een typische dag met twee gezichten. De ochtend was er een van euforie en verwondering, de middag is voor Nienke er een van strijd en verstand op nul. Het plezier is even ver te zoeken. 

Zelden hebben we een dag meegemaakt waar alles goed en makkelijk ging. Elke dag kent een moment of momenten waarop we of een van ons geen plezier ervaart. Waar we zelfs regelmatig twijfelen waarom we doen wat we doen. Dat we stiekem naar huis verlangen, of simpelweg geen zin meer hebben in het fietsen. En toch stappen we elke keer weer op de fiets. Misschien juist dankzij deze momenten, dankzij het afzien, zijn de momenten van verwondering en euforie intenser. Wij weten het niet, maar gaan wel door.

Langzaam kruipen de kilometers voorbij. We kibbelen een beetje, want de vermoeidheid eist haar tol. De middag is aan zijn tweede deel begonnen en de wens bij de geplande kampeerplek te zijn, neemt toe. Dan lacht het lot ons weer toe. Ineens verandert de zand- en steenweg in asfalt. 

De laatste 2,5 kilometer mogen we rustig pedalerend, met vermoeide benen weliswaar, uitbollen. We vinden een geschikte kampeerplek. Afgelegen van de hoofdweg, amper zichtbaar vanaf een zijweggetje, een vlak stukje grond met een redelijk helder stroompje water op vijf minuten lopen. 

Na een high five en een knuffel dat we het op deze zware dag toch weer geflikt hebben, zetten we eerst de tent op. Dit is inmiddels een routine waar ieder zijn en haar rol heeft. Maar enkele woorden zijn nodig.

Tent opgezet, tijd voor de andere klusjes: matjes opblazen, tent inruimen, water filteren en eten maken. Het is alweer de vijfde dag achter elkaar dat we spaghetti eten. Je kan hier groene saus en rode saus kopen, dus elke dag wisselen we af. Vanavond is het groene avond met een tomaatje en uitje. En elke keer weer na een dag fietsen en avonturen smaakt het wonderbaarlijk goed! Thee en koekjes gaan vooraf aan het naar bed gaan.

We liggen elke avond rond 19:30 in bed. De zon is dan al een uur onder en heel veel meer dan vroeg slapen is er niet te doen. Niet vervelend, want lichaam en geest hebben de rust verdiend. We nemen de dag nog even door, kijken naar de route van morgen en vallen daarna in slaap.

Ter afsluiting van dit stukje willen we nogmaals Horizon Bicycles bedanken. Tijdens de voorbereiding van en tijdens onze reis in Zuid Amerika hebben Ruud, Wouter en Robbert ons geweldig geholpen. Hun expertise, geduld en dat ze ook nog eens hele leuke mensen zijn, maakt dat wij fan van Horizon zijn!

Pim de Jong en Nienke Ansems
www.outdoorroamers.com

Menu